Categorie: "Natuur en wetenschap"

Gevederde dinosauriërs konden behoorlijk pluizig zijn

Illustratie: Rebecca Gelernter/University of Bristol

156832_webHet is al langer bekend dat het aloude beeld van dinosauriërs als louter geschubde oerdieren niet altijd correct is. Veel soorten waren namelijk vrijwel zeker met veren getooid. Nieuw onderzoek aan uitzonderlijk goed bewaard gebleven fossielen van de vogelachtige dino Anchiornis suggereren dat het uiterlijk van gevederde soorten zelfs heel opmerkelijk kon zijn. Tussen de contourveren (de veren die het lichaam bedekken) ontdekten de paleontologen zelfs nog een geheel nieuw type veer. De veer had een korte pen, waaruit lange ‘draden’ (ook wel baarden genoemd) ontsprongen. Dergelijke veren moeten Anchiornis een pluizig voorkomen hebben gegeven, zo stellen de onderzoekers.

Pasgeboren pterosauriërs konden nog niet vliegen

Illustratie: John Conway, Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0

266px-Coloborhynchus_piscator_jconwayPasgeboren pterosauriërs konden nog niet vliegen, maar wel al lopen. Die conclusie trekken onderzoekers in een pas verschenen paper nadat ze een verzameling van meer dan tweehonderd eieren van de vliegende reptielen bestudeerden. Het is best bijzonder dat er zoveel eieren geanalyseerd konden worden. Tot op heden zijn namelijk slechts een handjevol eieren van pterosauriërs onderzocht: drie uit Argentinië en vijf uit China. Hierdoor was het niet mogelijk om echt goede conclusies te trekken over het doen en laten van deze diergroep. Maar toen er 215 pterosauruseieren in China werden ontdekt, kon het onderzoek worden vervolgd. De onderzoekers gebruikten computertomografische scans om een kijkje te kunnen nemen in de eieren. Zestien stuks bevatte embryonale, maar niet meer compleet intacte resten. In het meest complete embryo ontdekten de paleontologen een deel van een vleugel en schedelbeenderen, waaronder een complete onderkaak. De belangrijkste conclusies: de ontwikkeling van een pterosauriër nam behoorlijk wat tijd in beslag (een jong dier was al twee jaar oud, maar nog steeds niet uitgegroeid) en de borstspier van een embryo was nog niet voldoende ontwikkeld om vliegen mogelijk te maken.

Wetenschappers ontdekken ultieme diepzeevis

Foto: Adam Summers/University of Washington

m55x35aadu34_wd640Wetenschappers hebben in duistere diepten van de Grote Oceaan een nieuw vissoort ontdekt die kan overleven op een diepte van ruim achtduizend meter. Het dier is daarmee de diepst levende bekende vis ter wereld. Pseudoliparis swirei, zoals de soort door onderzoekers van University of Washington is genoemd, werd ontdekt in de Marianentrog, voor zover bekend de diepste  plek in de oceaan (elfduizend meter). Of de vis ook in de allerdiepste regionen van de trog kan overleven is onduidelijk, maar hij gedijt in ieder geval op diepten tot minstens achtduizend meter. Tussen 2014 en 2017 werden 37 exemplaren van P. swirei geregistreerd in de Marianentrog, op diepten tussen de zeven- en achtduizend meter. Japanse onderzoekers filmden de vis zelfs op een diepte van 8178 meter.

Sporen Yeti afkomstig van beren en hond

Illustratie: Philippe Semeria, Wikimedia Commons/CC BY 3.0

220px-Yeti_by_Philippe_SemeriaHet toch al niet overtuigende ‘bewijs’ voor het bestaan van de mythische yeti (ook bekend als de verschrikkelijke sneeuwman) is nog een stukje dunner geworden. Wetenschappers hebben namelijk haren en tanden onderzocht die afkomstig zouden zijn van de geheimzinnige, aapachtige creatuur. Hun conclusie: de onderzochte haren behoren toe aan een nog niet nader geïdentificeerde berensoort. De tanden zijn afkomstig van een hond. Wetenschappers lieten de nieuwste genetische analysetechnieken los op de in Nepal, Bhutan en China gevonden sporen.

Bijen transporteren stuifmeel tussen lange pootharen

Bijinbloem-150x150Het is algemeen bekend dat bijen uitstekende bestuivers zijn. Recent onderzoek wijst uit dat het transportgeheim van de beestje schuilt in de behaarde bijenpootjes. De gevleugelde insecten gebruiken de zeer lange haren aan de zijkant van hun poten om grote pakketten stuifmeel te vervoeren. De bulken beslaan soms zelfs een derde van het lichaamsgewicht van de bij. De wetenschappers vingen voor hun onderzoek twintig bijen die net stuifmeel hadden verzameld op hun poten en terugvlogen naar hun korf. Eerst maakten de onderzoekers beelden in hoge resolutie van de bijenpoten. Op deze shots ontdekten ze de bijzonder lange haren van de insecten. Vervolgens onderzochten de geleerden hoe stevig het stuifmeel vastzat tussen de haren door er met elastiekjes aan te trekken.

Aardwormen zouden ook gedijen op Mars

Foto: Buteo, Wikimedia Commons/GFDL

260px-PB160006Wellicht dat het ooit nog een keer van pas komt als we als mensheid de aarde zo verziekt hebben (we zijn in elk geval goed op weg) dat we uit moeten wijken naar Mars; aardwormen kunnen zich prima handhaven in de ondergrond van de rode planeet. Ze kunnen zich er zelfs in voortplanten. Tot die ontdekking kwam een team van Wageningen University dat eerder ook al ontdekte dat het mogelijks om op Mars groente te verbouwen. Het wormenexperiment vond gewoon plaats in Nederland en maakte gebruik van nagebootste Marsgrond. Het spul is ontwikkeld door de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA om in laboratoriumsettings te kunnen experimenteren met verschillende buitenaardse landbouwmethodes. Net als op aarde, zetten de wormen in de Marsgrond dood organisch materiaal om in humus, een stof die planten beter laat groeien.

Vliegensvlugge evolutie leidt tot onstaan van nieuwe vogelsoort in twee generaties

Foto: P. R. Grant

Big-BirdEvolutie is meestal een tergend langzaam proces dat zich in tijdsspannen van duizenden of zelfs miljoenen jaren afspeelt. Maar soms gaat het een stuk sneller. Onderzoekers hebben zelfs stap voor stap kunnen volgen hoe er een nieuwe vogelsoort op het eiland Daphne Major (Galápagos) ontstond. In slechts twee generaties was de nieuwe vinkensoort een feit. Het bijzondere verhaal begon 36 jaar geleden, toen er een vreemde vogel op Daphne aankwam. Het was een mannetje dat zichtbaar verschilde van de drie bestaande vogelsoorten op het eiland. Zo zong hij een ander lied en waren zijn lichaam en snavel veel groter. Onderzoekers ontdekten later dat het mannetje een Grote cactusgrondvink (Geospiza conirostris) was. Deze bleek afkomstig van het eiland Española, dat in het uiterste zuidoosten van de Galápagosarchipel ligt. Door deze opmerkelijke grote afstand (ruim honderd kilometer) tussen de twee eilanden, keerde de vink niet meer huiswaarts om daar te paren met een lid van zijn eigen soort. In plaats daarvan liet hij zijn oog vallen op een partner op  Daphne Major.

Minder slecht broedseizoen grutto in 2017

Foto: Hans Hillewaert, Wikimedia Commons/CC BY-SA 4.0

266px-Limosa_limosa_(Uitkerke)De populatie van onze nationale vogel, de grutto, gaat hier te lande nog steeds met gemiddeld 3,5% per jaar achteruit. De belangrijkste reden is dat er jaar op jaar te weinig kuikens groot worden. Het aantal gruttokuikens dat daadwerkelijk uitvliegt, wordt nu al zeven jaren onderzocht en bleek in al die jaren te laag te zijn. Zo ook in 2017. Voor een stabiele populatie (nu circa 34.000 paren) zouden er afgelopen broedseizoen minimaal circa 18.000 jongen groot moeten zijn geworden, maar de teller bleef steken op 12.000. Het enige lichtpuntje is dat er in de overige zes meetjaren nog minder jongen uitvlogen. Vogelbescherming Nederland pleit voor meer en vooral beter weidevogelbeheer. De Nederlandse overheid is daartoe ook verplicht op basis van de Europese Vogelrichtlijn. Sinds 2011 wordt het totaal aantal jonge grutto’s in Nederland geschat op basis van wetenschappelijk onderzoek.

Groenlandse walvissen scrubben hun huid in ondiepe kustwateren

Foto: Wikimedia Commons/publiek domein

220px-Bowheads42Groenlandse walvissen zoeken soms ondiepe kustwateren op om hun huid te scrubben, zo blijkt uit een nieuwe studie. In de ondiepe wateren schuren de dieren hun huid langs de rotsen, waarschijnlijk om dode of verbrande huidcellen, parasieten en stukjes ruwe huid te verwijderen. De walvissen zijn gemiddeld vijf tot acht minuten bezig met die huidreiniging. Canadese onderzoekers maken gewag van het gedrag in het blad Plos One. Onderzoeksleider Sarah Fortune observeerde enkele jaren geleden Groenlandse walvissen (Balaena mysticetus) die op een vreemde manier op hun rug heen en weer rolden bij Baffin Island. Ze had toen nog geen idee wat de dieren aan het doen waren en besloot het opmerkelijke gedrag samen met enkele van haar collega’s van de University van British Columbia te onderzoeken. De onderzoekers gebruikten een drone die was uitgerust met camera’s.

Chimpansees doen aan familieplanning

Roependechimpansee-200x300Ook chimpansees blijken onder bepaalde omstandigheden aan familieplanning te doen. Dit blijkt uit onderzoek naar een maar liefst vijftig jaar omspannende dataset die betrekking heeft op 36 vrouwelijke chimpansees in het Tanzaniaanse Gombe Stream National Park. Sommige vrouwelijke chimpansees bleken de groep waarin ze geboren waren niet te verlaten. Andere deden dat wel, mogelijk om inteelt te voorkomen. De onderzoekers ontdekten ook al snel dat de keuze om in de groep te blijven of deze te verlaten van invloed was op het moment waarop deze chimpansees hun eerste jong kregen. Vrouwtjes die in hun geboortegroep bleven hangen, kregen gemiddeld op hun dertiende hun eerste kind. Maar de vrouwtjes die de groep verlieten en op zoek gingen naar een nieuwe groep om in te leven, kregen hun eerste jong pas op hun zestiende. Chimpansees die geen of minder sociale steun van hun familie krijgen, wachten dus langer met het krijgen van jongen.