Categorie: "Mens en milieu"

Vlinderstichting: aantal vlinders sinds 1992 met veertig procent gedaald

Het gaat nog altijd ”niet best” met de vlinders in Nederland. Dat constateert de Vlinderstichting in haar jaarverslag. De helft van de 47 soorten waarvan de stichting trends in kaart heeft gebracht, gaat achteruit. Sinds 1992 is het totale aantal vlinders met zo’n veertig procent gedaald, zo blijkt uit tellingen van de Vlinderstichting. Vrijwilligers houden op honderden vaste routes in het land wekelijks de vlinderstand bij. Uit hun waarnemingen blijkt dat 2017 een jaar van extremen was: goed voor sommige soorten, dramatisch voor andere.

Greenpeace trekt zich gedeeltelijk terug uit FSC

Greenpeace International trekt zich gedeeltelijk terug uit de Forest Stewardship Council (FSC), de organisatie achter het FSC-keurmerk. Greenpeace was een van de oprichters van de FSC. Greenpeace zegt dat de FSC niet meer kan garanderen dat alle hout, houtproducten en papier met het keurmerk afkomstig zijn uit verantwoord bosbeheer. Onder verantwoord bosbeheer verstaat de FSC het oogsten van hout met aandacht voor bescherming van planten en dieren en met respect voor de lokale bevolking en de bosarbeiders. Dat houdt bijvoorbeeld ook in dat bossen niet gekapt worden voor de aanleg van palmolie- of sojaplantages of voor de mijnbouw. In een aantal landen werkt het FSC-keurmerk prima, maar dat is zeker niet overal het geval. In landen als Congo en Rusland worden bijvoorbeeld nog geregeld illegaal houtconcessies afgegeven door de overheid. Verder is de FSC volgens Greenpeace met name gericht op de commerciële exploitatie van bossen. Bescherming en behoud spelen volgens Greenpeace (te) vaak een ondergeschikte rol.

Plasticsoep omvangrijker dan gedacht

Foto: Duncan Wright, USFWS/publiek domein

Dat de hoeveelheid plastic in de oceanen langzaamaan de spuigaten uitloopt is al langer bekend. Maar nieuw onderzoek wijst uit dat het probleem nog groter is dan lange tijd werd gedacht. Er drijft namelijk vier keer meer plastic in de oceaan dan eerder werd aangenomen. De nieuwe meting werd gedaan met dertig schepen en twee vliegtuigen, waar voorheen altijd met een schip werd gemeten. Dat verklaart het grote verschil. Wetenschapper Joost Dubois zei in het Radio1-programma Nieuws en Co niet verbaasd te zijn over de hoeveelheid plastic.

Krill breekt microplastic af tot nanoplastic

Foto: Uwe Kils, Wikimedia Commons/

Australische onderzoekers hebben ontdekt dat Antarctische krill (kleine, garnaalachtige beestjes) over het vermogen beschikt om microplastics te verteren. Ze deden die ontdekking tijdens experimenten, waarbij ze het krill op een dieet zetten dat bestond uit heel kleine bolletjes polyetheen en algen. Een deel van de zeediertjes volgde een dieet dat voor 80 procent uit polyetheen en voor 20 procent uit algen bestond. Bij de overige zeediertjes was het net andersom. De onderzoekers bestudeerden vervolgens onder meer de krilluitwerpselen. En wat blijkt: de diertjes zetten microplastic om in stukjes kunststof die gemiddeld zo’n 78 procent kleiner zijn. ze maken van microplastic dus nanoplastic. Het is nog ongewis of de adaptatie van het krill gunstig of ongunstig is voor de plasticvervuiling in de oceanen.

Klimaatverandering raakt vooral rijkste natuurgebieden erg hard

Foto: roodkraagmaki’s, Wikimedia Commons/CC BY 3.0

De gevolgen van klimaatverandering raken juist de ecologisch rijkste natuurgebieden op aarde het hardst. Maar liefst de helft van alle plant- en diersoorten in deze gebieden dreigt door opwarming te verdwijnen of op zijn minst hard in aantal achteruit te gaan. Het nettoresultaat: een enorm verlies aan biodiversiteit. Tot die conclusie komen wetenschappers in het blad Climatic Change. Bij rijke natuurgebieden moet je onder meer denken aan gebieden zoals de Amazone, Madagaskar, maar ook de savannes van zuidelijk Afrika en het Middellandse Zeegebied. Het zijn regio’s met een enorme biodiversiteit, die ook nog eens veel soorten herbergen die nergens anders ter wereld te vinden zijn.

Het onderzoek laat zien wat de rijke natuurgebieden op aarde te wachten staat als we de opwarming van de aarde geen halt toeroepen. In dit ‘business as usual-scenario’ stevent de aarde af op een opwarming van ruim vier graden. En dat zou verstrekkende gevolgen hebben voor bijvoorbeeld Madagaskar. Volgens de onderzoekers dreigt zo’n 60 procent van alle soorten op het Afrikaanse eiland, dat vooral bekend is van de vele soorten maki’s (zie foto) en kameleons, onder dit scenario plaatselijk uit te sterven. Het Amazonegebied dreigt 69 procent van zijn plantensoorten te verliezen en in het zuidwesten van Australië kan 89 procent van de amfibieën lokaal uitsterven als de klimaatverandering niet wordt afgeremd. Ook zijn er grote zorgen over de Miombo Woodlands in zuidelijk Afrika: tot wel 90% van de amfibieën, 86% van de vogels en 80% van de zoogdieren dreigt hier bij een opwarming van 4,5 graad uit te sterven.

Dat de opwarming van de aarde zulke grote gevolgen heeft voor de rijkste natuurgebieden op aarde heeft meerdere redenen. Allereerst hebben de meeste van deze gebieden de laatste decennia al heel wat te verduren gehad; ze zijn versnipperd geraakt door aanleg van wegen en andere menselijke activiteiten. Het betekent dat veel diersoorten als het ware gevangen zitten in hun leefgebied; ze kunnen zich niet of nauwelijks verplaatsen naar nieuwe gebieden. Daarnaast gaat de opwarming voor veel soorten veel te snel. Planten, amfibieën en reptielen kunnen – zelfs als hun leefgebied niet sterk versnipperd is – zich niet snel genoeg vanuit hun veranderende leefgebied verplaatsen naar een plek die beter in hun behoeften voorziet.

Bron: Scientias

Koraalrif bij Saba in opvallend goede staat

Foto: Erik Meesters

Wetenschappers van Wageningen University en het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee hebben bij Saba een groot koraalrif onderzocht en concluderen dat het natuurlijke bouwwerk in een opvallend goede staat verkeert. Een bijzondere vondst dus, want de meeste koraalriffen hebben juist te lijden onder kwaliteitsverlies en toenemende verbleking. De grote richels, die zijn begroeid met zachte en harde koralen, vertonen volgens ecoloog Erik Meesters een schoonheid die doet denken aan de koraalriffen van vijftig jaar geleden, toen het verbleken van koralen door te warm zeewater nog niet bestond.

Minder zelfdodingen in gemeentes met veel groen

Er zijn in de loop der jaren al verschillende onderzoeken gepubliceerd die het bestaan van een directe correlatie tussen natuur en menselijke geluks- en welzijnsgevoelens aantonen. Een nieuwe studie van gezondheidsinstituut Nivel en de Universiteit Utrecht sluit naadloos aan bij die trend. Het onderzoek wijst namelijk uit dat inwoners van gemeenten met meer openbaar groen plegen minder vaak suïcide plegen dan mensen die wonen in plaatsen met weinig bomen, parken en gras. De onderzoekers hielden ook rekening met kenmerken die mogelijk de kans op zelfdoding verhogen. Denk bijvoorbeeld aan werkloosheid, sociaaleconomische status en de afstand tot goede gezondheidszorg. Toch is er dan nog steeds een ‘significante relatie’ tussen het zelfdodingscijfer en het groene gehalte van de woonomgeving.

Braziliaanse rechter keurt omstreden kapwet Amazone goed

Foto: Neil Palmer/CIAT, Wikimedia Commons/CC BY-SA 2.0

Het Braziliaanse hooggerechtshof heeft een wetswijziging goedgekeurd die amnestie verleent aan landbezitters die vóór 2008 illegaal bomen hebben gekapt in het Amazonewoud. De uitspraak betekent een grote tegenslag voor milieubeschermers. Die vrezen dat nu de weg is vrijgemaakt voor grootschalig kappen in het Amazonegebied. De wetswijziging, die in 2012 door het parlement werd aangenomen, verlicht de verplichting voor boeren om minimaal twintig procent van hun land bebost te houden. Ook hoeven landeigenaren die illegaal hebben gekapt hun boetes niet meer te betalen.

Koningspinguïns in de problemen door klimaatverandering

Foto: Ben Tubby, Wikimedia Commons/CC BY 2.0

Verhuizen of doodgaan. Voor die keuze zullen de meeste wilde koningspinguïns (Aptenodytes patagonicus) de komende decennia komen te staan. Gebieden die geschikt zijn voor het vestigen van een kolonie en het grootbrengen van nageslacht moeten namelijk aan een aantal belangrijke voorwaarden voldoen. Zo moet de temperatuur er het jaar rond gunstig zijn, mag de plek niet permanent omringd worden door zee-ijs en moet de broedplek een zand- of kiezelstrand bezitten. Maar de belangrijkste eis is dat er in de buurt veel voedsel te vinden is, zodat de pinguïns hun jongen kunnen voeden. Wat betreft de aanvoer van voedsel zitten de zeevogels al decennialang gebakken. Het Antarctic Polar Front brengt enorme hoeveelheden vis naar de pinguïns toe. Maar door toedoen van klimaatverandering is dit front zich langzaam maar zeker aan het verplaatsen: het drijft weg van de pinguïns, waardoor de vogels steeds grotere afstanden moeten afleggen om hun voedsel te bereiken en hun jongen dus ook steeds langer op dat voedsel moeten wachten. Op dit moment is er nog geen sprake van een onoverkomelijk probleem. Maar dat gaat veranderen, zo voorspellen de onderzoekers in het blad Nature Climate Change. Al vrij snel zal zo’n zeventig procent van de pinguïns langer onderweg zijn om voedsel te halen dan hun jongen zonder voedsel kunnen.

Onderzoek: volop alternatieven voor bijengif en fipronil in landbouw voorhanden

 De landbouw kan winstgevend produceren zonder bestrijdingsmiddelen die aantoonbaar meer insecten doden dan waarvoor ze zijn bedoeld. Dat stellen negen wetenschappers in een overzichtsstudie die vandaag verschijnt, zo meldt het dagblad Trouw. De onderzoekers betogen dat er voldoende milieuvriendelijke alternatieven zijn voor zogenoemde neonicotinoïden, de wereldwijd meest verkochte bestrijdingsmiddelen die ook wel te boek staan als ’bijengif’. Ook voor fipronil, het luizenbestrijdingsmiddel dat vorig jaar in Nederland en in België in eieren werd gevonden, zijn naar de mening van de wetenschappers genoeg alternatieven voorhanden. Verder zeggen ze dat het gebruik van landbouwgif niet automatisch tot betere oogsten en meer winst leidt. De wetenschappers noemen in hun artikel diverse alternatieven voor het gebruik van landbouwgif waarvan ze zeggen dat die goedkoper, even effectief en veel beter voor het milieu zijn.