Categorie: "Natuur in Nederland"

Over adders en dode muizen

Adderendodemuizen2Vorige week troffen we tijdens de wekelijkse controle van de reptielenplaten in NP De Meinweg een apart tafereel aan. Onder de plaat lag een adderwijfje dat zich, gezien de dikke bobbel in haar buik, al tegoed had gedaan aan een rosse woelmuis. Nu zien we als onderzoekers wel vaker een adder met prooi, maar het opmerkelijke was dat er nog twee dode muizen onder de plaat lagen. Van vleesetende zoogdieren is wel vaker bekend dat ze aan surplusdoding doen en heel bewust een prooivoorraadje aanleggen, maar het is mij niet bekend dat slangen dit ook doen.

Atalanta opnieuw het vaakst geteld

Atalanta-300x199Net als in 2016 is dit jaar de atalanta de meestgetelde vlinder in de Nederlandse tuinen. De soort is vrij eenvoudig te herkennen aan de kenmerkende zwarte vleugels met oranje strepen. Bij de voorlopige tussenstand zondagavond zijn 51 verschillende vlindersoorten gezien. Vorig jaar waren dat er nog 52. Na de atalanta (meer dan 7200 keer) zijn de kleine vos (ruim 4100) en de dagpauwoog (3300) de soorten die het vaakst werden gezien. Opvallend is dat er in het noorden van het land aanzienlijk meer vlinders werden waargenomen dan in het zuiden.

Aangespoelde bruinvissen vaak het slachtoffer van grijze zeehonden

Foto: Ecomare/Salko de Wolf, CC BY-SA 4.0

Ecomare_-_bruinvis_Berend_(berend3)Bruinvissen (Phocoena phocoena) die dood aan de Nederlandse kust aanspoelen hebben vaak te maken gehad met aanvallen van grijze zeehonden. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Utrecht en Wageningen Marine Research, dat zaterdag is gepubliceerd op de website Nature Today. Op de Nederlandse kust stranden de laatste jaren zo’n zevenhonderd bruinvissen per jaar. Vorig jaar werden 55 dode bruinvissen onderzocht. De meeste dieren waren bezweken aan aanvallen van grijze zeehonden (31 procent).

Recordaantal drieteenstrandlopers op eiland Griend

Foto: Hans Hillewaert, Wikimedia Commons/CC BY-SA 4.0

266px-Calidris_alba_(breeding_plumage)Op dit moment zitten er rond de 21.000 drieteenstrandlopers  (Calidris alba) op Griend, het onbewoonde vogeleiland in de Waddenzee. De vogels verblijven vooral op de zandbanken die rondom het eiland zijn gecreëerd om te voorkomen dat Griend wegspoelt. Dat meldt Emma Pennings, die op het eiland onderzoek doet met een team van het NIOZ. Het aantal van 21.000 is goed voor een nieuw record van drieteenstrandlopers op een plek.

Topdag voor gladde slangen

gladdeslangslenkDe gladde slang is een soort die houdt van bewolkt en broeierig warm weer. Vandaar dat ik gistermiddag besloot om op de fiets te stappen en in mijn tweede thuis dat de Meinweg heet naar wat exemplaren te gaan zoeken. Geen al te lastige klus, want ik wist er binnen een kleine drie uur zeven te vinden. Waar adders meestal wel een beetje zon nodig hebben om tevoorschijn te komen, laten gladde slangen zich vooral zien op grotendeels bewolkte dagen. En zoals ook gisteren weer bleek kruipen ze ook niet gelijk weg bij een bescheiden regenbui. De meeste gladde slangen die je momenteel aantreft in het veld zijn drachtige vrouwtjes.

Papegaaiduiker Egmond weer vrijgelaten

Foto: Ecomare

88321_w844_r844-475_eff5ba7De papegaaiduiker die was gevonden op het strand van Egmond is voldoende aangesterkt en uitgezet op zee. De vogel is vanuit Ecomare naar een platform van ENGIE E&P Nederland gevlogen en heeft daar weer de vrijheid gekregen. De papegaaiduiker werd in juni gevonden op het strand van Egmond. In Ecomare is de vogel goed aangekomen. Het grootste probleem was het verenkleed van de vogel dat niet meer goed waterdicht was. Daardoor zonk de papegaaiduiker langzaam naar beneden als zijn veren nat werden.

Albinozeehond gevonden bij Noordwijk

Foto: Zeehondencentrum Pieterburen

AApeVIgAan de kust bij Noordwijk is gisteren een bijzonder zeehondenjong gevonden. Het diertje heeft een vorm van albinisme en mede daarom intensieve hulp nodig. Een zeehond met albinisme is heel zeldzaam en is licht gevoeliger dan andere zeehonden. “Met jagen maakt het weinig uit, dat doen ze onder water. Maar boven water lopen ze risico. De zon is gevaarlijk voor hun gevoelige huid en ogen”, legt Arnoud de Vries van het Zeehondencentrum Pieterburen uit aan Editie NL. De zeehond in kwestie is wel maar een halve albino, want hij mist de roze huid die volledige albino’s hebben.

Laagste aantal kwartelkoningen in Nederland sinds 1980

Foto: Sergey Yeliseev, Wikimedia Commons/CC BY 2.0

266px-CorncrakeHet gaat in Nederland niet zo goed met de kwartelkoning (Crex crex). In 2017 zijn er tot nu toe 36 roepende kwartelkoningen geteld in Nederland. Dit meldt Sovon Vogelonderzoek op basis van twee nachtelijke simultaantellingen en enkele aanvullende meldingen van Waarneming.nl. Sinds 1980 is het aantal waargenomen exemplaren niet meer zo laag geweest. Ruim 80 procent van de waarnemingen komt uit de provincie Groningen en het aangrenzende deel van Drenthe. In het gebied rond de grote rivieren zijn nauwelijks kwartelkoningen gezien of gehoord. Het is zelfs nog maar de vraag of het laagterecord van 41 kwartelkoningen uit 1996 nog gehaald gaat worden. Het is nog deels gissen naar de hoofdoorzaken die ten grondslag liggen aan het lage aantal waarnemingen.

Huisspitsmuis met treintje jongen

Foto: Mark en Gerda Heijdra

88274_w337_r337-190_329a63dMark en Gerda Heijdra hadden het genoeg om onlangs een bijzonder tafereel gade te slaan op hun boerderij in Muiden. Tijdens het opruimen van de zandslurven op de boerderij kwam er opeens een huisspitsmuis tevoorschijn. En wat nog specialer was: het vrouwtjesdier werd op de voet gevolgd door een treintje van jongen.

Hazelwormenbonanza in NP De Meinweg

Hazelworm100platenZonovergoten zomerdagen waarop het kwik flink oploopt zijn voor de meeste mensen het summum van de zomerperiode. Maar als je een reptiel of herpetoloog bent, is een dag als gisteren, die wel lekker warm, maar niet overdreven zonnig was, een veel aangenamere bedoening. Dat was ook wel te merken aan de controle van de reptielenplaten in Nationaal Park De Meinweg. Dit rondje wordt elke week gelopen om meer zicht te krijgen op de aantallen en verplaatsingspatronen van hazelwormen en slangen op een specifiek perceel. Het biotoop wordt gevormd door een oude inmiddels sterk verruigde akker. De teller stokte uiteindelijk pas bij ruim vijftig hazelwormen (waaronder veel drachtige wijfjes) en drie adders, wat zelfs voor dit reptielrijke stukje Meinweg een formidabele score is.