Categorie: "Ecologie"

Schotland zeezoogdierenparadijs van Groot-Brittannië

Tuimelaarsgansbaai-300x201Wilt u graag walvissen en dolfijnen zien? Dan is het niet per se noodzakelijk om een hele verre of dure reis te maken. Ook de wateren rond Schotland blijken prima plekken te zijn om zeezoogdieren te ontmoeten. Tijdens de National Whale and Dolphin Watch, een tussen juli en augustus gehouden telling van de Britse Sea Watch Foundation, zijn in 2017 maar liefst 608 waarnemingen van zeezoogdieren geteld. Dat is ruim 43 procent van het Britse totaal.

Mieren verzorgen gewonde strijdmakkers

Foto: Erik T. Frank

mierenMieren van de soort Megaponera analis, die voorkomen in Afrika bezuiden de Sahara, zijn zespotige krijgers die zich geregeld bezondigen aan geweld tegen andere mierenkolonies of insecten. Het goede nieuws voor de beestjes: ze kunnen doorgaans wel rekenen op de hulp en EHBO-vaardigheden van hun strijdmakkers. De mieren overvallen meerdere malen per dag termietennesten in de buurt. Ze grijpen de termieten en nemen ze mee naar hun eigen nest, waar de slachtoffers uiteindelijk worden opgegeten. De termieten laten dat echter niet zomaar gebeuren, waardoor de mieren vaak in aanvaring komen met termietenwachters die als taak hebben om hun nest te verdedigen. En dat doen de termieten met verve; met hun krachtige kaken kunnen ze een mier gemakkelijk van een ledemaat ontdoen. Op het moment dat een mier gewond raakt, ‘roept’ de gewonde zijn soortgenoten door een chemische substantie af te geven. De soortgenoten komen aangesneld en dragen de gewonde mier terug naar het nest, zo ontdekten Duitse onderzoekers vorig jaar.

Stille sprinkhaan pikt vrouwtjes van roepende soortgenoot in

Grotegroenesabel-300x200Mannelijke sprinkhanen verleiden hun vrouwelijke soortgenoten met geluid. Sprinkhanengezang ontstaat als de mannelijke beestjes hun vleugels in rap tempo tegen elkaar wrijven. Op bepaalde plekken trekt het gezang van de mannelijke sprinkhanen ook parasitaire wespen aan. Die dienen de sprinkhanen een verlammende steek toe en leggen hun eitjes in het sprinkhanenlichaam. Dit dient vervolgens als een levende vleesvoorraad voor de wespenlarven die uiteindelijk uit de eitjes kruipen en de sprinkhaan van binnenuit opvreten. Het gevolg hiervan is dat bepaalde mannelijke sprinkhanen op een aantal Hawaïaanse eilanden niet meer roepen.

Dunnere ozonlaag droeg waarschijnlijk bij aan massa-extinctie in Perm

Circa 252 miljoen jaar geleden werd de aarde getroffen door een massa-extinctie van epische proporties. Bijna 70 procent van alle landdieren en ongeveer 95 procent van al het leven in zee ruimden het veld. De massa-extinctie wordt door veel wetenschappers in verband gebracht met vulkaanuitbarstingen in Siberië die bijna één miljoen jaar aanhielden. Tijdens die uitbarstingen kwamen vulkanische gassen vrij die de ozonlaag deels vernietigden. Onderzoekers vermoeden dat die natuurramp een belangrijke oorzaak was van het uitsterven van soorten wereldwijd. Onduidelijk was echter hoe de dunner wordende ozonlaag precies de ondergang van zoveel organismen inluidde. Tot nu. Onderzoekers hebben namelijk ontdekt dat de dunner wordende ozonlaag er waarschijnlijk voor zorgde dat bomen onvruchtbaar werden. De verdwijning van bossen leidden tot een domino-effect, waardoor langzaam maar zeker de ene naar de andere soort omviel. De wetenschappers baseren hun conclusies op een experiment met dennenboompjes. Ze zetten de planten in een kamer en stelden ze bloot aan de UVB (ultraviolet b)-straling waar de aarde aan het eind van het Perm mee te maken had.

Kraamkamer van geschulpte hamerhaai ontdekt bij Galápagoseilanden

Barry Peters, Wikimedia Commons/CC BY 2.0

220px-Scalloped_hammerhead_cocosWetenschappers zijn geïntrigeerd door een opmerkelijke ontdekking op de Galápagoseilanden. In een ondiepe kustzone rond het eiland Santa Cruz is namelijk een kraamkamer voor jonge geschulpte hamerhaaien (Sphyrna lewini) gevonden. Een opsteker, want de geschulpte hamerhaai is een bedreigde diersoort. Volgens bioloog Eduardo Espinoza is haaienkraamkamer min of meer bij toeval ontdekt. De moederhaaien zetten hun jongen in de ondiepe riffen af en vertrekken vervolgens weer naar diepere wateren. De jonge haaien blijven een tijdje rondzwemmen in hun geboortewateren.

Parasitaire wesp is uitgerust met ingebouwde zaag

Foto: Carolyn Trietsch

aHR0cDovL3d3dy5saXZlc2NpZW5jZS5jb20vaW1hZ2VzL2kvMDAwLzA5OC8xMDcvb3JpZ2luYWwvcGFyYXNpdG9pZC13YXNwLmpwZw==Veel creaturen of processen die terugkomen in horrorfilms zijn ontleend aan echte voorbeelden uit de levende natuur. Een recentelijk ontdekte, parasitaire wespensoort die luistert naar de Latijnse naam Dendrocerus scutellaris is hier een goed voorbeeld van. Het dier is namelijk uitgerust met een rij gezaagde stekels op zijn rug. Kijkend naar de anatomie van het dier, nemen biologen aan dat het gaat om een endoparasiet, een dier dus dat in het lichaam van zijn gastheer kruipt/leeft en/of daar zijn eitjes legt. De larven doen zich van binnenuit tegoed aan het lichaam van de gastheer en banen zich als volwassen dieren een weg naar buiten. De meeste endoparasitaire insecten gebruiken hier hun scherpe kaken voor, maar omdat Dendrocerus scutellaris mist die.

IJsbeer heeft hoger metabolisme dan lange tijd werd gedacht

Foto: Arturo de Frias Marques, Wikimedia Commons/CC BY-SA 4.0

Polar_Bear_AdFWilde ijsberen blijken een snellere stofwisseling te hebben dan lange tijd werd gedacht. Het metabolisme (dat een grote rol speelt bij het reguleren van het lichaamsgewicht en de lichamelijke controle) van het grootste landroofdier op aarde blijkt zo’n vijftig procent hoger te zijn dan tot nu toe werd aangenomen. En dat is in het huidige klimaat geen goed nieuws voor de Arctische reuzen. Een hoger metabolisme betekent namelijk dat het ijsberenlichaam ook meer calorieën nodig heeft om adequaat te kunnen functioneren. IJsberen moeten dus veel zeehondenvlees eten om hun lichaamsfuncties op peil te houden. Maar het vangen van zeehonden wordt steeds lastiger omdat het zee-ijs door de klimaatverandering tegenwoordig eerder smelt, pas later in de herfst weer aangroeit en ‘s winters gemiddeld minder dik wordt. De onderzoekers volgden het gedrag, het jachtsucces en de stofwisselingssnelheid van volwassen, vrouwelijke ijsberen tijdens het voorjaar.

Vogels en zoogdieren beter gewapend tegen klimaatverandering dan amfibieën en reptielen

BlauwvoetgentopeiVogels en zoogdieren lijken de beste papieren te hebben om de gevolgen van klimaatverandering te overleven. Het zijn namelijk warmbloedige en vaak mobiele diergroepen, wat ze in de gelegenheid stelt om hun leefgebied bij veranderende weersomstandigheden nog wat op te rekken of uit te breiden. Een nieuw onderzoek van de University of British Columbia laat dit zien. De onderzoekers baseren zich op een uitgebreide studie naar het leefgebied van vogels, zoogdieren, reptielen en amfibieën. Aan de hand van onder meer fossiele resten werd nagegaan waar zij in de afgelopen 270 miljoen jaar gewoond hebben en welke temperaturen zij nodig hadden om te kunnen overleven. Voor veel amfibieën en reptielen (snik) lijkt de klimaatverandering dan ook slecht nieuws te zijn.

Wilde zwijnen helpen zeldzame aardbeivlinder

Foto: Wikimedia Commons/CC BY 2.5

266px-Pyrgus_malvae-01_(xndr)Wilde zwijnen genieten geen geweldige reputatie. Hun wroetgedrag zou vaak ten koste gaan van waardevolle (micro)biotopen. Toch kan het ploegwerk van de robuuste omnivoren voor bepaalde soorten ook gunstig uitpakken. In Nationaal Park De Hoge Veluwe blijkt juist dat de rupsen van de zeldzame aardbeivlinder (Pyrgus malvae) veelvuldig op de wroetplekken van wilde zwijnen te vinden zijn. De invloed van stikstofdepositie leidt in veel natuurgebieden tot het versneld dichtgroeien van open plekken, waardoor lage kruiden verdwijnen. Enige verstoring, bijvoorbeeld door wroetende zwijnen, biedt de kruiden weer een kans om zich te vestigen. Daaronder bevinden zich ook waardplanten van bedreigde vlinders. Denk aan hondsviooltjes voor de grote parelmoervlinder, schapenzuring voor de bruine vuurvlinder en tormentil of kruipganzerik voor de aardbeivlinder. De Wageningse student Frederic de Schaetzen heeft onderzocht waar de rupsen van de aardbeivlinder zich ontwikkelen in Nationaal Park de Hoge Veluwe.

Nieuwe populatie van extreem zeldzame voelsprietvis ontdekt

Foto: Antonia Cooper

red-handfish-1Een duikteam heeft in de wateren rond Tasmanië een nieuwe populatie ontdekt van de zeer zeldzame vissoort Thymichthys politus, een dier dat deel uitmaakt van de familie der voelsprietvissen. In plaats van de verwachte twintig tot veertig exemplaren, blijken er nu veertig tot tachtig stuks te zijn. De nieuwe populatie werd geïdentificeerd nadat een lid van het burgerwetenschapsonderzoek Reef Life Survey (RLS) melde dat hij een voelsprietvis had gezien. Een team van zeven duikers trok er vervolgens twee dagen op uit om het gebied uit te kammen. Duiker Antiona Cooper zag de vis op het moment dat het team bijna op het punt stond om het op te geven. “We waren al zo’n 3,5 uur aan het duiken toen we nog steeds niets veelbelovends hadden gezien,” zegt Cooper. “We wilden alweer bijna teruggaan toen ik ineens de voelsprietvis zag.” De Thymichthys politus komt alleen voor in de wateren rond het zuidoosten van Tasmanië.