Categorie: "Prehistorische dieren"

Het tijdperk van de gigantische geleedpotigen

Kruipende en vliegende reuzen
Een goede 350 miljoen jaar geleden zag onze aarde er heel anders uit dan vandaag de dag en zouden mensen zich buitenaardse wezens op een vreemde planeet hebben gewaand. De flora bestond louter en alleen uit mossen, primitieve varens en andere sporenplanten die honderden miljoenen jaren later door de moderne mens gebruikt zouden worden als fossiele brandstoffen. Het klimaat dat destijds heerste was vergelijkbaar met dat van een huidig tropisch regenwoud: warm, benauwd en erg nat. Dinosauriërs en zoogdieren zouden pas vele miljoenen jaren later op het toneel verschijnen, maar dat wil niet zeggen dat het Carboon niet gekenmerkt werd door een buitenissige dierenwereld.

Sarcosuchus, schrik van de prehistorische rivieren

Periode: Krijt.
Classificatie: Crocodilia.
Lengte: 11-13 meter.
Voedsel: aan de waterkant drinkende dinosaurussen.
Vindplaats: Brazilië, Niger.

Krokodillen zijn taaie rakkers en levende fossielen die al ruim 200 miljoen jaar meegaan. De basisvorm van deze dieren is al die tijd grotendeels hetzelfde gebleven, op een aspect na: het formaat. Wie de documentaires over de Crocodile Hunter op Animal Planet wel eens heeft gezien, weet hoe groot en sterk de grotere moderne krokodillen zijn. Toch zou zelfs de Australische zoutwaterkrokodil, de grootste nog levende vertegenwoordiger van zijn soort, zo’n 100 miljoen jaar geleden maar een kleine vis in de voorhistorische vijver geweest zijn.

Grote pterosauriërs gebruikten vier poten om op te stijgen

Vliegende reuzen
Pakweg 100 miljoen jaar geleden zag het aardse luchtruim er volstrekt anders uit dan nu het geval is. Niet vogels maar pterosauriërs, vliegende reptielen die in alle denkbare soorten en maten voorkwamen, zweefden door het luchtruim en draaiden hun eindeloos trage cirkels. De kleinste exemplaren waren amper groter dan een doodgewone huismus, de grootste soorten zoals Quetzalcoatlus waren daarentegen gigantisch en hadden de afmetingen van een moderne straaljager. Maar hoe hees een dergelijk vliegend superreptiel zijn waarlijk omvangrijke lichaam omhoog als hij het luchtruim koos?

Carcharodon megalodon, prehistorische superhaai

Periode: Krijt t/m Plioceen.
Classificatie: Chondrichthyes (kraakbeenvissen).
Lengte: 12- 18 meter.
Voedsel: primitieve walvisachtigen.
Vindplaats: skeletten van dit dier zijn nog nooit gevonden, maar fossiele tanden van Megalodon duiken in vrijwel alle werelddelen met grote regelmaat op.

Gigant
Stel je voor: je hebt het ruime sop gekozen voor een lekker ontspannen zeiltochtje als je plotseling een twee meter hoge rugvin ziet die het wateroppervlak doorklieft. Vervolgens doemt vanuit de diepte het silhouet op van een reusachtige vleesetende haai, een wezen dat zelfs het legendarische monster uit Spielbergs Jaws doet verbleken. Dit klinkt een beetje als het scenario voor een slechte griezelfilm, maar in prehistorische tijden zou de vrees voor een dergelijke ontmoeting gegrond zijn geweest.

Fossielen bevatten nieuwe aanwijzingen over de evolutie van spinnen

Missing link
Nieuw onderzoek naar de in de staat New York ontdekte fossielen van primitieve spinachtige dieren, werpen wellicht een nieuwe licht op de evolutie van een van de meest diverse en gehate moderne landbewoners. Wetenschappers van de University of Kansas en het Hampden-Sydney College (Virginia) onderzochten fossiele exemplaren van een dier met de haast onuitspreekbare naam Attercopus fimbriunguis. Ze kwamen tot de conclusie dat dit dier wel eens een overgangsvorm kon zijn, een wezen dat laat zien hoe moderne spinnen zich ontwikkeld hebben uit hun archaïsche voorouders.

Schedel werpt mogelijk nieuw licht op de roots van het jachtluipaard

Oude Wereld
De cheeta (Acinonyx jubatus) is het snelste moderne landdier en kan in volle vaart kortstondig een duizelingwekkende snelheid van om en nabij de 100 km per uur bereiken. De sierlijke, maar tevens bedreigde kat komt tegenwoordig alleen nog voor in Afrika, al herbergt ook Iran nog een bescheiden populatie wilde jachtluipaarden. Fossielen van primitieve en jongere voorouders van deze slanke en majestueuze roofkatten zijn gevonden in Afrika, Europa, Azië en zelfs Noord-Amerika. Volgens veel wetenschappers stond de wieg van het jachtluipaard (en de meeste katachtigen) zelfs in Noord-Amerika en hebben de geduchte roofdieren in prehistorische tijden gebruik gemaakt van de Beringstraat (destijds een landbrug) om vanuit Alaska de oversteek te maken naar Siberië.

Megalania: uitgestorven reuzenhagedis of levend fossiel?

De grootste nog levende hagedissen zijn de bijna 3 meter lange en indrukwekkende varanen die op het Indonesische eiland Komodo voorkomen. De ruige en door verzengende hitte geteisterde Australische outback herbergt echter mogelijk nog een veel groter en angstaanjagender wezen. Megalania prisca was een reusachtige varaan die tijdens het Pleistoceen (ca.1.8 miljoen- 11.000 jaar geleden) heerste over het gebied dat wij tegenwoordig kennen als Australië.

Haarlemse meisjes vinden mammoettand

De twee Haarlemse zusjes Wies en Lotte hebben op het strand bij Wijk aan Zee de imposante slagtand van een mammoet gevonden. Ze vonden de tand tussen een paar stukken aangespoeld hout. Het Leidse Natuurhistorisch Museum Naturalis bevestigde dat het om een mammoettand gaat. Mammoeten bevolkten Nederland tot zo’n 10.000 jaar geleden, in een tijd toen de Noordzee nog niet bestond en het betreffende gebied gewoon deel uitmaakte van het Euraziatische landmassief.

Vaderdinosauriërs tevens zorgzame moeders

Taakverdeling in de vogelwereld
Voor veel vogelsoorten (met name emoes en struisvogels) is gedeeld ouderschap de normaalste zaak van de wereld. Veel gevederde vaders helpen bij het uitbroeden van eieren, voeden de jongen of bewaken het nest tegen hongerige rovers die wel trek hebben in een vers kuikentje. Wetenschappers hadden al langer het vermoeden dat dergelijke vormen van paternalistische zorg ook al voorkwamen bij bepaalde tweebenige roofdinosauriërs, vermoedelijk de voorouders van de meeste moderne vogels.