Categorie: "Natuur en wetenschap"

Liopleurodon, schrik van de prehistorische zeeën

Periode: Jura.
Classificatie: Plesiosauria (Pliosauridae).
Lengte: 15- 23 meter.
Voedsel: al het andere in zee.
Vindplaats: Europa, Zuid- Amerika.

Reuzenreptielen maakten tijdens het Jura niet alleen de dienst uit op land, maar heersten ook over de wereldzeeën. De op vissen lijkende ichthyosauriërs, de met lange nekken uitgeruste plesiosauriërs (die in het Schotse meermonster Nessie wellicht nog een levende representant hebben) en de pliosauriërs waren de belangrijkste drie groepen zeereptielen. De meest imposante vertegenwoordiger van deze laatste groep was Liopleurodon.

Tyrannosaurus rex: icoon uit de prehistorie

Periode: Krijt.
Classificatie: Theropoda.
Lengte: 12-13 meter.
Voedsel: heel veel vlees.
Vindplaats: het westen van de Verenigde Staten.

Als er een dinosaurus is die tot de menselijke verbeelding spreekt en de harten van veel liefhebbers veroverd heeft, dan is het wel Tyrannosaurus rex. Over dit dier zijn meerdere boekenkasten vol geschreven en T. Rex schitterde in onder meer Jurassic Park ook al op het witte doek. De titel “grootste vleesetende landbewoner aller tijden” heeft de “tiranhagedis” inmiddels af moeten staan aan Giganotosaurus, Spinosaurus en Carcharodontosaurus, maar desondanks blijft zijn legendarische status nagenoeg onaangetast. Hoe komt dit?

Stokoude hagedis produceert nageslacht

Het verbaasde de opzichters ook: de brughagedis (of tuatara) Henry, met zijn 111 jaar toch al een stokoude krijger, is op zijn oude dag nog eens vader geworden. Henry, die al een jaar of 70 was toen hij in het Nieuw-Zeelandse Southland Museum arriveerde, stond niet te boek als een vriendelijke hagedis. De oude mopperkont stelde zich meestal vijandig op tegen de soortgenoten waarmee hij zijn verblijf deelde.

Giraffenoverschot dreigt voor Nederlandse dierentuinen

De dierentuinen in Nederland weten langzaam maar zeker niet meer waar ze met al hun giraffen heen moeten. Er is momenteel sprake van een waar overschot, een situatie die in veel dierenparken begint te lijden tot een nijpend tekort aan ruimte voor de extreem lange dieren. Volgens Marc Damen, directeur van Diergaarde Blijdorp, “staat het water enkele zoos momenteel tot aan de lippen.”

Seismosaurus, de hagedis die de aarde deed trillen

Periode: Jura
Classificatie: Sauropoda
Lengte: 35 meter
Voedsel: heel veel plantaardig materiaal.
Vindplaats: Verenigde Staten (New Mexico).

Plantenetende gigant
150 miljoen jaar geleden was het gangbare formaat van vrijwel alles XXL. Vleeseters, planteneters, bewoners van het luchtruim, zeereptielen en bomen bereikten kolossale afmetingen. De gigantische plantenetende sauropoden- de dinosaurussen met de bekende lange nek- spanden op dit gebied de kroon. In de jaren negentig van de negentiende eeuw volgden spectaculaire vondsten elkaar in hoog tempo op en werd het ene na het andere record gebroken.

Achtarmige rode duivels

Agressieve jagers
De Mexicaanse Zee van Cortez en de Golf van Californië zijn het domein van een mysterieus, uit de kluiten gewassen weekdier. Deze wateren vormen de mariene jachtgronden van Dosidicus gigas, een pijlinktvis die met een lengte van 2 meter net zo groot kan worden als een volwassen man. Uit onderzoek blijkt dat dit dier een uitzonderlijk goede en intelligente jager is en over een behoorlijk agressief karakter beschikt. Wetenschappers en filmmakers zijn tijdens hun duiktochten regelmatig aangevallen en de inktvissen schijnen soms zelfs samen te werken in een poging om een grote prooi te overmeesteren.

Genetisch onderzoek bevestigt uniek evolutietraject van brilvogels

DNA-onderzoek heeft bevestigd dat brilvogels een relatief kort, supersnel evolutionair traject hebben afgelegd om zo tot hun huidige uiterlijke verschijning te komen. De onderzoeksresultaten toonden aan dat alle 80 bestaande soorten in de laatste 2 miljoen jaar ontstaan zijn. Een handvol andere vogel- en zoogdiersoorten zijn in het verleden ook in rap tempo geëvolueerd, met name uit bittere noodzaak omdat hun leefomgeving ik korte tijd drastisch veranderde. De evolutionaire supersprong van de brilvogels kan echter niet louter teruggevoerd worden op lokaal getinte ecologische factoren.